
Jan werkte ruim dertig jaar als ondernemer samen met zijn broers in het familiebedrijf. Samen produceerden ze sauzen voor onder andere de pizza-industrie en supermarkten. Toen het bedrijf werd verkocht, kwam er ruimte voor een nieuwe stap. Die vond hij in de zorg, en specifiek bij de doelgroep mensen met het syndroom van Korsakov. Iets heel anders!
Toen het familiebedrijf werd verkocht, nam Jan de tijd om na te denken over zijn volgende stap. Een goede vriend bracht hem op een idee: waarom niet de zorg? Dat voelde eigenlijk meteen logisch. ‘’Ik heb altijd affiniteit met de zorg gehad. Ik hou van mensen’’. Ook zijn vrouw zag het direct voor zich. Toch voelde de overstap van ondernemer naar leerling in de zorg voor mensen met Korsakov spannend. Hoe zou het zijn om te werken met een doelgroep waar je nog weinig van weet?
Voordat Jan begon, wist hij eerlijk gezegd niet veel van Korsakov. Natuurlijk had hij er weleens van gehoord, maar pas op de afdeling ontdekte hij wat er écht achter de doelgroep zit. Volgens Jan kijken veel mensen eerst naar de diagnose. Zelf ziet hij vooral de mens erachter. Achter iedere cliënt schuilt een eigen verhaal, met mooie herinneringen, maar vaak ook met gebeurtenissen die veel impact hebben gehad. “De kwetsbaarheid van mensen heeft mij het meest verrast. Het zijn mensen die veel hebben meegemaakt. Dat heeft mij echt geraakt.’’
Op zijn leeftijd weer in de schoolbanken zitten? Jan moest daar zelf ook even aan wennen. Voordat hij aan zijn opleiding begon, werkte hij eerst tijdelijk als zorgondersteuner. Zo kon hij rustig ontdekken of de zorg bij hem paste. “Dat zou ik anderen ook aanraden. Je leert het werk alvast kennen.”
Inmiddels combineert hij zijn werk op de afdeling met zijn opleiding en gaat hij één dag per week naar school. Daarbij krijgt hij vanuit school én ZorgAccent de begeleiding die hij nodig heeft.
Werken met mensen met Korsakov vraagt volgens Jan om geduld, inlevingsvermogen en structuur. Cliënten hebben vaak moeite met geheugen, planning en het reguleren van emoties. Juist daarom is voorspelbaarheid zo belangrijk. Die structuur zit vaak in kleine dingen. Denk aan vaste tijden voor het opstaan, ontbijten, koffiedrinken of activiteiten op de dagbesteding. Door die routines weten cliënten waar ze aan toe zijn en ervaren ze meer rust. “Door herhaling weten ze wat er gaat gebeuren. Dat geeft houvast.” Volgens Jan is ook zelfreflectie belangrijk. ‘’Iedere situatie en iedere cliënt is anders. Juist door stil te staan bij je eigen handelen, leer je hoe je nog beter kunt aansluiten bij wat iemand nodig heeft’’.
Wat Jan het állermooiste vindt aan zijn werk, is dat hij met iets kleins al veel kan betekenen. Hij denkt daarbij aan een cliënt die soms helemaal kan vastlopen in haar verdriet. Op zulke momenten probeert hij eerst aan te sluiten bij hoe iemand zich voelt. “Je sluit aan bij de emotie, maar je huilt niet mee. Van daaruit probeert hij samen met de cliënt weer richting een prettig moment te bewegen. “Je laat iemand weer zien wat er ook nog mooi is in het leven.”

Jan wil het volgende meegeven aan mensen die nadenken over een baan of opleiding in de zorg:
“Als je mensen de zin van het leven terug wilt geven, ga dan werken in de zorg.”